Bevrijding Musselkanaal.
Musselkanaal werd bevrijd door Poolse militairen.



Uit de reeks publicaties van het Dagblad van het Noorden.



Poolse bevrijders trokken via Coevorden naar Musselkanaal.

Bevrijding van Musselkanaal, 11 april 1945.
Roelie Jansen: Een borreltje hebben we er niet op genomen.

Uit: Dagblad van het Noorden, maandag 11 april 2005.
Gedigitaliseerd door Henk van Dijken.


ZA WASZA I NASZA WOLNOSC!
(VOOR UW EN ONZE VRIJHEID!)
1945 - 2005
Bevrijding van Oost-Groningen.


Roelie Jansen moet eens diep in zijn geheugen spitten. Zestig jaar is lang voor een herinnering. Langzamerhand komt de elfde april 1945 echter weer in beeld bij de oud-manufacturier (88). De bevrijding van zijn woonplaats Musselkanaal door de Poolse soldaten had zich toen al aangekondigd. De geruchten dat de Polen en Canadezen zich rond Emmen ophielden en in aantocht waren, hadden al hun ronde gedaan.

Door Jan Niemeijer


Roelie Jansen, toen woonachtig aan de Marktstraat ter hoogte van 2e Exloërmond in de bovenwoning van een NSB-gezin, had trouwens de voorboden van de bevrijding met eigen ogen kunnen zien. "Een dag eerder, toen we met een aantal mensen aan de straat stonden, hielden twee Duitse soldaten bij ons halt. Ze liepen naast hun oude fietsen, ze hadden honger en vroegen om brood. Bakker Nieswaag, onze huisbaas haalde twee roggebroden uit de bakkerij en gaf ze aan de soldaten die op terugtocht waren naar de Duitse grens".

De volgende morgen, Jansen meent zich te herinneren dat het een uur of negen in de morgen was, reden de Polen de grens met de provincie Groningen over en arriveerden in Musselkanaal. Het werd een geruisloze binnenkomst: Duitse tegenstand werd er niet meer ondervonden, een schot werd er niet gelost. Jansen herinnert zich 'veel voertuigen en tanks'.

Roelie Jansen:"Of we blij waren, ja natuurlijk. Maar een borreltje hebben we er niet op genomen. Er waren wel vlaggen maar geen festiviteiten."

De plaatselijke leden van de ondergrondse kwamen overigens direct in actie. Ze verordonneerden dat de NSB'ers thuis moesten blijven en begonnen met de verzameling in de bioscoop De IJzeren Klap van de 'verkeerde' dorpsgenoten. Ook huisbaas en bakker Nieswaag moest er aan geloven, al kon van hem volgens Jansen niet echt gezegd worden dat hij een felle was. Jansen kon dat met enig gezag vaststellen, want als bovenbewoner maakte hij als luistervink vele vergaderingen van de NSB mee. "Er zat een gat in de vloer, die was achtergebleven na de verwijdering van de gasbuizen van de verlichting.

Liggend kon ik er door horen, wat er in de kamer onder ons met onder meer de beruchte onderduiker Alssema werd besproken." Mogelijk zonder dat ze het zelf wisten aan wie ze dat te danken hadden, konden Musselkanaalsters die op de korrel waren genomen door de NSB in dekking gaan. "Ik gaf de namen, die ik had opgevangen, door aan de verzetsman commies (douanier/red) Tillema in de Stationsstraat. Gewoon door een briefje bij hem door de deur te gooien. Ik kon dat vrij ongemerkt doen, want ik droeg een insigne van de PTT. Ik was gecharterd om in de oorlogsjaren pakjes naar Mussel te brengen en weer op te halen. Namen die ik me nog herinner waren die van borstelmaker Blaauw en winkelier Piet Engberts. Ze waren fel anti", aldus Jansen.

De bevrijding betekende dat de bakkerij van Nieswaag stil kwam te liggen en de leden van de BS huiszoekingen verrichten. Jansen zegt daarover:"Ik moet me voorzichtig uitdrukken, maar sommigen waren voor zichzelf uit op goud en zilver. Een van hen vroeg me er speciaal naar."

Vanwege de goede relatie die sinds hun huisvesting in 1943 met de familie werd onderhouden, hielpen de Jansens met het verbergen van waardevolle spulletjes. "Zo verstopten we de antieke bijbels en sieraden achter de traploper." Voor Roelie Jansen, die in de oorlogsjaren zijn manufacturen per fiets en vanuit de kist aan de man moest brengen betekende de bevrijding dat er een eind kwam aan een gedwongen ruilhandel. Bij boeren 'organiseerde' hij spek en vet om er bij de groothandel in Winschoten weer garen en textiel voor te kopen. Drie jaar later vestigde de familie Jansen zich met hun eerste eigen zaak verderop aan de Markstraat.